Winterse neerslag is er in vele vormen en de termen ervoor worden nog wel eens door elkaar gebruikt. Maar wat valt er nou precies uit de lucht? In dit artikel leggen we de verschillen uit tussen ijzel, hagel en ijsregen. Hoe herken je ze en wat zijn de gevolgen voor de bestrijding van gladheid bij Infoplaza?
Hagel kan het hele jaar ontstaan en verschilt daarmee het meest van ijzel en ijsregen die vooral in het winterhalfjaar voorkomen. Hoog in de wolk van een hagelbui is het altijd erg koud, ook in de zomer. Er ontstaan klompjes ijs die door de stijgende en dalende luchtstromen op en neer worden geslingerd.
In de zomer is de lucht vochtiger en zijn de luchtstromen in een bui sterker. Hierdoor tolt de hagel langer rond en ontstaan er meer laagjes ijs rondom het ijsklompje. In sommige gevallen worden de hagelstenen meerdere centimeters groot en leveren ze veel schade op.
Gevaar in combinatie met onweer
Voor de bewaking van evenementen in de zomer is hagel voor organisatoren een interessante parameter om in de weersverwachting op te nemen. Vanuit de weerkamer wordt een inschatting gemaakt of buien krachtig genoeg zijn om hagelstenen te laten ontstaan. Vaak gaat het in een zomerse setting gepaard met onweer. Deze elementen samen worden in een risicoanalyse voor een specifieke locatie aan de organisatie teruggekoppeld.
Het ontstaan van hagel in een onweersbui.
Hagel in de winter minder schadelijk
Hagelstenen zijn kleiner in de winter en veroorzaken dan nauwelijks schade. Je ziet de steentjes soms wegspringen als ze de grond raken. Het wordt ook wel korrelhagel genoemd. Tijdens een stevige hagelbui kan het tijdelijk glad worden. Hier valt moeilijk tegen te strooien omdat de buien over een relatief klein gebied trekken en niet een aaneengesloten buienfront vormen. Daarnaast hechten de hagelstenen moeilijk aan zout en smelten ze vrij snel, waardoor het zout wegspoelt. Vooral als de zon doorbreekt nadat de bui is weggetrokken.
IJzel: de verraderlijkste vorm van gladheid
IJzel is een veel gevaarlijkere vorm van gladheid en ook lastig te bestrijden, zeker als eenmaal een laag ijs op de weg of op de bovenleiding van een spoortraject is ontstaan. Het geeft meestal op grotere schaal overlast in vergelijking met hagel. Meestal komt het voor als het gaat dooien na een periode met koud winterweer in combinatie met neerslag.
In Limburg is een auto van de weg gegleden door gladheid. Foto: Rob Beckers
In eerste instantie valt er sneeuw, maar onderweg richting de grond vallen de sneeuwvlokken door een warme luchtlaag. De sneeuw smelt om naar waterdruppels. Dicht bij de grond is de lucht nog koud en de waterdruppels koelen weer af tot net onder het vriespunt, maar ze bevriezen niet. Dit noemen we onderkoelde regen.
Kleinere en zachtere korreltjes
Als de koude luchtlaag dikker is, en de omgesmolten regendruppels hier langer doorheen vallen, vriezen ze vast aan een sneeuwvlok. Dan spreken we van ijsregen. Het verschil met hagel is dat deze korreltjes veel kleiner en zachter zijn en niet al in de wolk zijn ontstaan. IJsregen hoor je zachtjes tikken als het op de grond valt. Hagel maakt harder geluid omdat de korreltjes zwaarder en harder zijn.
Terug naar de onderkoelde druppels. Zodra ze een voorwerp raken, bijvoorbeeld het asfalt of tegels, bevriezen ze gelijk en er ontstaat een harde doorzichtige ijskorst. Mengen met strooizout gaat op dit punt nauwelijks meer. Gladheid is voorbij als de dooi doorzet en het ijs smelt.
Fietsers worden verrast door een gladde weg in Apeldoorn. Foto: Martin Herms
Soms is de weg eerst niet bevroren, maar zorgen de onderkoelde regendruppels voor een temperatuurdaling van het wegdek tot onder nul. In dit geval moet er veel en vaak gestrooid worden om gladheid te voorkomen.
IJzel is ook plaatselijk als regenbuien tijdens de winter vanaf de Noordzee het land op trekken. De ondergrond is bevroren en de bui levert een spoor van ijzel op. In dit geval zijn de druppels niet onderkoeld maar vallen ze vallen op een bevroren ondergrond en vormen daardoor een ijslaag.
Het verschil tussen ijzel, hagel en ijsregen
Nog even alle verschillen op een rij. Hagel ontstaat het hele jaar door. Het zijn harde witte ijsklompjes die in grootte variëren. Ze ontstaan in een buienwolk hoog boven de grond. We hebben te maken met ijsregen als je kleinere witte korreltjes ziet die veel zachter zijn en je makkelijk tussen je vingers kan pletten. Onderkoelde regendruppels hechten zich aan een sneeuwlok relatief dicht bij de grond. In het geval van ijzel bevriezen deze onderkoelde druppels zodra ze een bevroren ondergrond raken en dit levert een doorzichtig laag ijs op. Daardoor is deze laatste vorm het meest verraderlijk als het over gladheid gaat.
